Competitie/ PK reglementen

Competitie/wedstrijdreglement

Algemene leiding:

De algemene leiding van de competitie berust bij de T.C. Indien over de toepassing van dit Reglement verschil van mening bestaat, beslist de T.C.

Taken TC:

  1. Het geven van advies met betrekking tot toewijzing van de organisatie van persoonlijke kampioenschappen.
  2. Het samenstellen -zo spoedig mogelijk- van de wedstrijdkalen­der.
  3. Het geven van advies met betrekking tot het wijzigen van de reglementen op het gebied van het wedstrijdwezen.
  4. Het indelen van deelnemers aan voorwedstrijden en het aanwij­zen van deelnemers aan de persoonlijke kampioenschappen.
  5. Het toezien op naleving van de reglementen op het gebied van het wedstrijdwezen.
  6. Het leiden van verschillende onderdelen van de competitie.
  7. De T.C. regelt verder alle aangelegenheden van wedstrijdtech­nische aard, waarmee zij is en wordt belast.
  8. De leden van de T.C. zijn bevoegd kennis te nemen van die bescheiden, welke de sectie bestuur voor een juiste uitvoe­ring van hun taak noodzakelijk en/of gewenst acht.

Inschrijving van de teams:

Elke vereniging –mits aangesloten bij de WBB- heeft het recht 1 of meerdere teams voor de competitie in te schrijven.

Het inschrijven van teams dient te geschieden op de door de T.C. voorgeschreven wijze.

Dit dient volledig, duidelijk leesbaar en naar waarheid te worden ingevuld. Niet naleving van deze verplichting kan tot gevolg hebben dat een inschrijving wordt geweigerd.

Wijziging samenstelling teams:

Indien de inschrijving van een team is geaccepteerd en dit team heeft reeds een wedstrijd gespeeld, dan mogen geen wijzigingen meer worden aangebracht. Bij uitzonderlijke situaties beslist de TC.

Inschrijfgeld:

Elk team dat ingeschreven staat bij de WBB is inschrijfgeld verschuldigd aan de WBB.

De hoogte van dit inschrijfgeld, alsmede waarop, aan wie en wanneer dat betaalt dient te worden, wordt eveneens door het WBB bestuur en de ledenvergadering vastgesteld.

Terugtrekken van een team:

Als een team 1 of meerdere partijen geeft gespeeld en daarna uit de competitie wordt teruggetrokken, dan vervallen ALLE door en tegen dat team behaalde resultaten.

Is de eerste helft van de competitie wel door het desbetreffende team gespeeld, dan blijven ALLE tegen dat team –in die eerste competitiehelft- behaalde resultaten wel gelden.

Administratieve heffingen – sancties:

Het opleggen van administratieve heffingen mag alleen in de in dit lid genoemde gevallen:

  1. Het door een reservespeler/speelster onrechtmatig spelen van een partij.
  2. Het spelen van een partij door een verkeerde speler/speelster.
  3. Het niet op komen van een team of speler/speelster.
  4. Het niet of te laat invullen van wedstrijdformulieren.
  5. Het niet uitspelen van een begonnen partij.
  6. Het spelen van een wedstrijd op een andere datum zonder toestemming van de T.C.
  7. Het door de vereniging terugtrekken van een aanvaard team.

In de gevallen als bedoeld in lid  1 sub a,b en c is de T.C. bevoegd de aan het nalatige team voor de daarbij betrokken partij(en) toegekende partijpunten in mindering te brengen en deze partijpunten toe te kennen aan de tegenpartij.

Arbitrage:

  • De arbiter heeft tot taak een partij –met uitsluiting van anderen- te leiden.
  • Een schrijver heeft een adviserende stem met betrekking tot het spelen met de verkeerde bal of het foutief doorgeven van het aantal gemaakte caramboles. Hij zal een dusdanige plaats in moeten nemen zodat voor hem het biljartspel goed te volgen is.
  • De thuisspelende vereniging zorgt voor arbiters en schrijvers. Deze dienen lid te zijn van de WBB.
  • De arbiter is verplicht zich staande aan het biljart te bevinden en hardop te tellen. Tevens zorgt hij ervoor dat de wedstrijd een goed verloop heeft.
  • De schrijver is verplicht iedere 5e beurt de stand mede te delen en om aan te geven dat er nog de laatste 3 caramboles gemaakt dienen te worden.
  • Een arbiter mag een speler alleen van advies dienen als hierom gevraagd wordt. Bedoeld advies mag alleen –en uitsluitend- betrekking hebben op het al dan niet vastliggen van de speelbal of het aangeven met welke bal er gespeeld dient te worden.
  • Een speler wiens beurt voorbij is, dient zich van het biljart te verwijderen en op een daarvoor bestemde zitplaats plaats te nemen.
  • Een beurt eindigt wanneer er geen carambole gemaakt is, een touché is gemaakt of wanneer het benodigde aantal caramboles zijn gemaakt.

 

Herzieningen competitie:

  • Voor nieuwe spelers: Na de 3e en 5e wedstrijd zowel naar boven als naar beneden.
  • Voor alle spelers die 5 wedstrijden hebben gespeeld: Na de eerste helft van de competitie alleen naar boven. Deze spelers kunnen aan het eind van de competitie naar boven en naar beneden.
  • Voor alle spelers die 5 wedstrijden hebben gespeeld en niet herzien zijn na de eerste helft aan het einde van de competitie zowel naar boven als naar beneden.
  • Zij die tijdens deze competitie geen 5 wedstrijden hebben gespeeld, worden voor het nieuwe seizoen als nieuwe spelers ingedeeld met hun huidige aanvangsmoyenne.
  • Voor een overzicht van moyennes en te maken caramboles is een afzonderlijke lijst beschikbaar: Tabel punten – aantal caramboles.

Dubbele partijen:

Het spelen van een dubbel partij.

Het is per team  toegestaan om 3 x per biljartseizoen een speler/speelster een extra partij  te laten biljarten zodat het team toch 4 wedstrijden in betreffende competitieronde speelt. Ook geld er een maximum van 3 dubbele partijen per speler/speelster in een biljartseizoen.

  • Het team bestaat die avond uit 3 spelers/speelsters.
  • De speler die de dubbelpartij speelt is diegene van betreffende team met het laagste gemiddelde. Deze speler/speelster biljart dus als 4e en 3e persoon in zijn/haar team.
  • De 4e partij wordt gespeeld met zijn/haar eigen gemiddelde waarbij de klasse limieten het minimum zijn.
  • De 3e partij wordt gespeeld 2 stappen hoger dan zijn/haar eigen gemiddelde waarbij de klasse limieten het minimum zijn.
       Klasse limieten  
  1e klasse 2e klasse 3e klasse
Speler 1 65 45 20
Speler 2 52 38 20
Speler 3 50 35 18
Speler 4 47 33 15

 

Algemene bepalingen:

  1. De leden van de W.B.B. worden door de T.C. ingedeeld in verschillende klassen. Dit naar gelang het aantal deelnemers en hun moyenne.
  1. Voor elke klasse wordt een minimum aantal caramboles vastgesteld.
  1. Dit minimum wordt tijdens de bondsvergadering bekend gemaakt.
  1. Kampioen van een klasse is dat team die na alle gespeelde wedstrijden de meeste punten heeft verzameld, indien meerdere teams met een gelijk aantal punten eindigt volgt één of meerdere beslissingswedstrijden. De locatie wordt door de TC vastgesteld.
  1. Het minimum/maximum aantal te maken caramboles zal elk seizoen in het competitierooster vermeld worden.
  1. Voor aanvang van de wedstrijden dient het biljart in optimale conditie te verkeren. Bij herhaaldelijk in gebreke blijken hiervan, kan en mag het W.B.B. bestuur hiertegen optreden, indien hier klachten over binnenkomen.
  1. Zowel de thuisclub als de bezoekende vereniging dienen bij aanvang van de wedstrijd met drie spe­lers/speelsters aanwezig te zijn. De overige spe­lers/speelsters dienen uiterlijk 22.45 uur aanwezig te zijn.
  1. Alle wedstrijden dienen, voor zover niet anders aangegeven, om 19.30 uur te beginnen.
  1. Het wedstrijdformulier dient voor aanvang van de wedstrijd ingevuld te zijn.
  1. De volgorde der te spelen partijen wordt door de thuisclub bepaald. Dit zonodig in overleg met de tegenpartij.
  1. Moet een speler/speelster eerder weg (b.v. werkzaamheden), dan dient hij contact op te nemen met de tegenpartij. Wenst men graag de eerste partij te spelen of wil men een partij eerder starten dan het voorgeschreven tijdstip, dan dient men contact op te nemen met de tegenpartij.
  1. Elke speler/speelster dient zich steeds correct en sportief te gedragen.
  1. Er wordt van de leden verwacht dat zij STEEDS fatsoenlijk en naar behoren gekleed aan de wedstrijdtafel verschijnen.

Op vriendelijk verzoek van de horecahoud(st)er wordt u verzocht -zich voor aanvang van de partij-,te ontdoen van scherpe voorwerpen die mogelijk het biljartlaken kunnen beschadigen (b.v. horloges, polskettingen e.d.

 

Biljarttechnische regels

Spelregels geldend voor alle spelsoorten

 Acquitstoot:

Bezoekende verenigingen beginnen met de acquitstoot. Hiervoor wordt de witte bal met zwarte stip c.q. zwarte cirkel gebruikt. Ook kan hiervoor de gele bal gebruikt worden. De acquitstoot moet van de rode bal gespeeld worden. Deze rode bal is op de bovenacquit geplaatst.

De nastoot wordt eveneens van acquit gespeeld.

Carambole:

Onder carambole wordt verstaan: Het met de speelbal raken van beide andere ballen, nadat de speelbal in beweging is gebracht door een met de pomerans eenmalig toegebrachte stoot. Een carambole is geldig nadat alle ballen tot stilstand zijn gekomen en er geen fout is gemaakt. Alleen de arbiter beslist of een carambole geldig is.

Fouten:

Als fout wordt beschouwd:

  • Indien tijdens de uitvoering van de stoot 1 of meer ballen uitspringen (uitgesprongen bal).
  • Indien met de keu anders dan voorgeschreven of op welke andere wijze een bal wordt geraakt (touché).
  • Indien een speler/speelster –met opzet- zo handelt dat hij/zij 1 of meerdere ballen zonder direct aan te raken van plaats of loop doet veranderen (indirect touché).
  • Indien de speler/speelster met de pomerans nog in contact is met zijn/haar speelbal op het moment dat deze een andere bal of band raakt (biljardé).
  • Op of langs de band of andere bal speelt, als de arbiter heeft aangegeven dat de speelbal vast ligt tegen die bal of band.
  • Indien een speler/speelster speelt met een andere bal dan zijn speelbal (biljardé).
  • Indien de speler/speelster –op het moment dat hij/zij afstoot- op de omlijsting, band of speelvlak, n.a.v. de arbiter, een zichtbaar werkteken heeft aangebracht.
  • Indien een speler/speelster op het moment dat hij/zij stoot, niet met –ten minste- 1 voet de grond raakt (voeten los). Dit geldt niet voor rolstoelgebruikers.
  • Indien de speler/speelster afstoot en de ballen zijn nog niet tot stilstand gekomen.
  • Bovengenoemde fouten worden alle vermeld onder de naam TOUCHÉ.

Herziening van beslissingen:

TWIJFEL:

  1. Een aan de beurt zijnde speler/speelster aan de juistheid van een door de arbiter jegens hem/haar genomen beslissing dan mag hij/zij nog eenmaal op correcte wijze verzoeken die beslissing te herzien.
  2. Een niet aan de beurt zijnde speler/speelster aan de juistheid van een door de arbiter jegens hem/haar genomen beslissing, dan mag hij/zij nog eenmaal op correcte wijze verzoeken die beslissing te herzien.
  3. In beide gevallen is de arbiter verplicht zijn beslissing te overwegen. Hierbij mag de arbiter onder geen voorwaarde het oordeel van derden in winnen. De beslissing die de arbiter ten tweede male neemt is definitief en onaantastbaar.

Vastliggen der ballen:

Wanneer de speelbal vastligt aan 1 der andere –of beide- ballen, dan mag men niet via de vastliggende bal spelen.  Men heeft dan de keus of men de bal LOS of van een NIET vastliggende bal speelt. Ook mag men de ballen , door de arbiter, opnieuw op acquit laten plaatsen. De arbiter beslist of de ballen al dan niet vastliggen en alleen de arbiter mag de ballen op acquit plaatsen.

 

Toepassing verboden zone:

  1. Voor aanvang van de te spelen  wedstrijd moet op het biljart en in ELKE hoek een lijn van 45 graden zijn getrokken op een afstand van 17 cm. loodrecht uit de hoek.
  2. In deze ontstane driehoek mogen niet meer dan 2 caramboles gemaakt worden. Deze regel is alleen van toepassing in de 1e en 2e
  3. De tweede carambole wordt alleen geteld als een der ballen, niet zijnde de speelbal, buiten de driehoek is geweest. Loopt deze bal weer terug in de driehoek, dan mag men wederom spelen met inachtneming van bovengenoemde omschrijving (punt 2 en 3).
  4. Onder het verlaten van de driehoek wordt verstaan:   a.  Het loopvlak van de bal dient de lijn overschreden hebben.
  5. Heeft het loopvlak van de bal de lijn NIET overschreden, dan wordt dit als resté-dedans aangemerkt en verliest de speler/speelster zijn/haar beurt.
  6. Bij het binnenlopen van twee ballen –niet zijnde de speelbal- in de driehoek, atendeert de arbiter de speler/speelster op entréé.
  7. Na het maken van 1 carambole in de positie entréé, waarbij de ballen de driehoek niet verlaten, attendeert de arbiter de speler/speelster met dedans. De speler/speelster weet dat minstens 1 bal de driehoek dient te verlaten tijdens de volgende carambole. Dit geldt niet voor de speelbal.
  8. Boven genoemde regels zijn niet van toepassing bij de spelsoorten bandstoten en driebanden.

Persoonlijke kampioenschappen:

 De WBB organiseert jaarlijks PK’s in slechts 1 spelsoort.

  1. De spelsoorten die worden gespeeld zijn:

a. Bandstoten

b. Driebanden

c. Libre echter alleen onder 33 caramboles en alle dames ongeacht klasse-indeling.

  1. De spelsoorten a en b gelden voor de 1e en 2e klasse en wisselen per jaar.
  2. Bij de te spelen voorrondes c.q. finales dienen spelers/speelsters van dezelfde vereniging hun eerste partij tegen elkaar te spelen. Het wedstrijdrooster wordt door de T.C. samengesteld.
  3. Voorwaarden deelneming PK’s zijn opgenomen in het huishoudelijke reglement van de W.W.B.

Voorrondes/finales algemeen:

  1. Er wordt een enkele voorronde gespeeld verdeelt over drie weken.
  2. Alle dagen van de week, m.u.v. vrij- zater- en zondag, wordt er gespeeld.
  3. Er bestaat geen KO-systeem.
  4. Er wordt een systeem toegepast zodat alle deelnemers 6 partijen spelen, ongeacht het aantal

Indeling in poules:

  • Deelnemers aan voorwedstrijden worden ingedeeld in groepen(poules) bestaand uit 5 of 4 spelers. Slechts, indien dit niet anders kan, zal een poule uit 6 of meer spelers bestaan.
  • De indeling in poules geschiedt door de T.C. en wel door een loting.
  • De roosterindeling voorpoulewedstrijden is als volgt:
    • Zes spelers: 1 enkel rooster + een tweede partij tussen de nummers 1 en 2, 3 en 4, 5 en 6.
    • Vijf spelers: 1 enkel rooster + een extra partijen tussen de nummers 1 en 2, 2 en 3, 3 en 4, 4 en 5, 5 en 1.
    • Vier spelers: een dubbel rooster.
  • Deelnemers worden per poule door de T.C. op volgorde van loting geplaatst en van een rangnummer voorzien. Aan deze rangorde mag geen verandering worden aangebracht.
  • De te spelen partijen worden door de T.C. op papier gezet. Partijen niet aangewezen door de T.C. mogen niet gespeeld worden.
  • De volgorde van de te spelen wedstrijden is (in principe) niet van belang.
  • Alle wedstrijden beginnen met een trekstoot.

Trekstoot:

  1. Het trekken voor de beginstoot dient door beide spelers gelijktijdig en rechtstreeks van de bovenband te geschieden, zodanig dat de spelers met de hun toegewezen bal die band 1maal raakt. De speler wiens bal het dichts bij de benedenband tot stilstand komt –zonder deze te raken- mag bepalen aan wie de beginstoot wordt toegekend.
  2. Raakt een van de spelers tijdens de trekstoot net de hem toegewezen bal een andere bal, of meer dan 1 keer de boven- of benedenband, of geen enkele keer de bovenband, dan bepaalt de andere speler aan wie de beginstoot wordt toegekend.
  3. Komen de ballen, waarmee getrokken is, naar oordeel van de arbiter, op gelijke afstand van de benedenband tot stilstand, raken zij elkaar tijdens het trekken zonder dat duidelijk kan worden bepaald wie de schuldige is; raken beide ballen de bovenband meer dan 1 keer of geen van beiden die bovenband, dan moet het bepaalde in lid 1 opnieuw worden toegepast.

Op de door de T.C. aangewezen slotdatum dienen alle partijen gespeeld te zijn en moeten de wedstrijdformulieren in het bezit zijn van de T.C.

Speltechnische regels Driebanden

Bij het driebanden is een carambole geldig, als voldaan is aan de regels voor het libre en als de speelbal, voordat de 3e bal is geraakt, tenminste drie maal een band heeft geraakt. Het mag meer malen dezelfde band zijn. Er zijn geen verboden zones bij het driebanden.

Uitspringende bal(len) bij een driebandenpartij:  

Als bij het driebanden een bal uitspringt wordt de speler afgeteld en de uitgesprongen bal, nadat deze is schoongemaakt, geplaatst op het voor die bal geldende acquit en wel als volgt:
a.  de rode bal op het bovenacquit;
b.  de oude speelbal op het middenacquit;
c.  de nieuwe speelbal op het benedenacquit.

Indien het voor de uitgesprongen bal aangewezen acquit bezet is of versperd wordt, dan wordt die bal geplaatst op het acquit van de bal welke het acquit verspert. Het raken van een van de ballen met de (houten) omlijsting van het biljart, wordt beschouwd als een uitgesprongen bal.

Vastliggende bal(len) bij driebanden:  

Bij driebanden heeft de speler bij vastliggende ballen de volgende keuze mogelijkheden:

  1. Spelen via de niet vastliggende bal of via een of meer andere banden dan de vastliggende band;
  2. Losspelen van zijn speelbal via een “kopstoot”. (massé-piqué).
  3. Het op de acquits laten leggen van de speelbal en de vastliggende bal. Eventueel alle ballen, als de speelbal tegen beide andere ballen vastligt en wel als volgt:

a.  de rode bal op het bovenacquit
b. de speelbal op het benedenacquit
c.  de andere bal op het middenacquit

Indien het voor de vastliggende bal aangewezen acquit bezet is of versperd wordt, dan wordt die bal geplaatst op het acquit van de bal die het acquit verspert.

 

Finalisten:

Alle poulewinnaars worden  geplaatst voor de finale met in achtneming van:

  1. Zijn er meer dan 6 finalisten, worden de zes beste finalisten geplaatst in volgorde van behaalde punten (12, 10 enz.).
  2. Hebben meerdere spelers hetzelfde aantal punten dan beslist het % gemaakte caramboles.
  3. Zijn er geen 6 finalisten dan komen de beste no. 2 in aanmerking voor een finaleplaats.
  4. Hebben meerdere no. 2 hetzelfde aantal punten dan beslist het %  gemaakte caramboles.

Caramboles tijdens voorrondes/kampioenschappen:

 Libre:

Voorrondes/kampioenschappen worden volgens het moyenne gespeeld dat ook gespeeld wordt tijdens de start van de competitie. Deelnemers kunnen niet worden herzien. Dit geldt ook na de algemene herziening halverwege het seizoen.

Bandstoten:

Voor bandstoten geldt : Nieuwe deelnemers bandstoten spelen 60% van hun te maken caramboles bij aanvang van de competitie. Nieuwe spelers W.B.B. geldt 60% van  het aantal caramboles na herziening 5e wedstrijd. Dit aantal caramboles wordt niet herzien tijdens het kampioenschap.Ook hier is herziening niet mogelijk.

Driebanden:

Voor driebanden geldt de volgende regel: Nieuwe deelnemers driebanden spelen 32,5% van de te maken caramboles bij aanvang van de competitie. Nieuwe spelers W.B.B. geldt 32,5% van  het aantal caramboles na herziening 5e wedstrijd. Dit aantal caramboles wordt niet herzien tijdens het kampioenschap.

Na elk kampioenschap vinden de herzieningen plaats op basis van 5 voorafgaande seizoenen.